25 juni 2026
dagopening

donderdag, 25 juni 2026

Geloof

Jezus geeft Petrus een opdracht

De opdracht aan Petrus

NBV | Joh. 21: 15-19

Toen ze gegeten hadden, sprak Jezus Simon Petrus aan: ‘Simon, zoon van Johannes, heb je mij lief, meer dan de anderen hier?’ Petrus antwoordde: ‘Ja, Heer, u weet dat ik van u houd.’ Hij zei: ‘Weid mijn lammeren.’ Nog eens vroeg hij: ‘Simon, zoon van Johannes, heb je me lief?’ Hij antwoordde: ‘Ja, Heer, u weet dat ik van u houd.’ Jezus zei: ‘Hoed mijn schapen,’ en voor de derde maal vroeg hij hem: ‘Simon, zoon van Johannes, houd je van me?’ Petrus werd verdrietig omdat hij voor de derde keer vroeg of hij van hem hield. Hij zei: ‘Heer, u weet alles, u weet toch dat ik van u houd.’ Jezus zei: ‘Weid mijn schapen. Waarachtig, ik verzeker je: toen je jong was deed je zelf je gordel om en ging je waarheen je wilde, maar wanneer je oud wordt zal een ander je handen grijpen, je je gordel omdoen en je brengen waar je niet naartoe wilt.’ Met deze woorden duidde hij aan hoe Petrus zou sterven tot eer van God. Daarna zei hij: ‘Volg mij.’

BGT | Joh. 21: 15-19

15 Na het eten begon Jezus tegen Simon Petrus te spreken. Hij zei: ‘Simon, zoon van Johannes, houd je van mij, meer dan de andere leerlingen?’ Petrus antwoordde: ‘Ja Heer, u weet dat ik van u houd.’ Toen zei Jezus: ‘Zorg dan goed voor mijn volk, zoals een herder voor zijn kudde zorgt.’ 16 Voor de tweede keer vroeg Jezus: ‘Simon, zoon van Johannes, houd je van mij?’ Petrus antwoordde: ‘Ja Heer, u weet dat ik van u houd.’ Toen zei Jezus: ‘Pas dan goed op mijn volk, zoals een herder op zijn schapen past.’ 17 En voor de derde keer vroeg Jezus: ‘Simon, zoon van Johannes, houd je van mij?’ Petrus werd verdrietig, omdat Jezus het voor de derde keer vroeg. Hij zei: ‘Heer, u weet alles. U weet dat ik van u houd!’ Toen zei Jezus: ‘Zorg dan goed voor mijn volk, zoals een herder voor zijn schapen zorgt.’ 18 Jezus zei verder: ‘Luister heel goed naar mijn woorden: Toen je jong was, kon je zelf beslissen waar je naartoe ging. Je ging overal heen waar je wilde. Maar als je straks oud bent, zal dat anders zijn. Dan zul je je handen uitsteken en anderen zullen ze vastbinden. Ze zullen je als gevangene meenemen, naar een plaats waar je niet heen wilt.’ 19 Daarmee bedoelde Jezus dat Petrus om zijn geloof gedood zou worden, tot eer van God. Toen zei Jezus tegen Petrus: ‘Volg mij.’

Verwerking

Petrus had Jezus drie keer verloochend. Toen het spannend werd, zei hij dat hij Jezus niet kende. Je zou denken dat Jezus teleurgesteld zou zijn en Petrus niet meer zou vertrouwen.
Maar in dit Bijbelgedeelte gebeurt iets bijzonders. Jezus vraagt drie keer aan Petrus: "Heb je Mij lief?" Met elke vraag krijgt Petrus als het ware een nieuwe kans. Jezus kijkt niet alleen naar zijn fouten, maar ook naar wie hij kan worden. Daarom geeft Hij Petrus een belangrijke taak: zorgen voor Zijn volgelingen.
Ook wij maken fouten. Soms zeggen of doen we dingen waar we later spijt van hebben. Dit verhaal laat zien dat God ons niet afschrijft vanwege onze misstappen. Hij wil ons vergeven, herstellen en opnieuw gebruiken. Geloof jij dat God dit ook voor jou wil doen?
Hoe ga jij om met fouten van jezelf of van anderen?
Geef je ruimte voor een nieuwe kans?

Bidden voor:
- vergeving voor de dingen die we niet goed doen.
- hulp om anderen te vergeven wat ze ons hebben aangedaan.