Speciale dagopening
dagopening

donderdag

Nieuw schooljaar: Spreuken wijzen je de weg

NBV | Spreuken 6: 6-11

Ga naar de mieren, luiaard, kijk hoe ze werken en word wijs. Hoewel er onder hen geen leider is, geen aanvoerder, geen koning, halen ze in de zomer voedsel binnen, leggen ze in de oogsttijd een voorraad aan. Hoe lang nog, luiaard, zul je blijven slapen, wanneer kom je uit bed? Nog even dan? Nog even slapen, nog een beetje rusten, een ogenblik nog blijven liggen? Armoede overvalt je als een struikrover, gebrek slaat je neer als een bandiet.

BGT | Spreuken 6: 6-11

Luilak, kijk eens naar de mieren. Kijk goed naar wat ze doen, en leer daarvan. Mieren hebben geen baas of leider, niemand zegt wat ze moeten doen. Toch verzamelen ze in de zomer hun eten. Ze zorgen voor een goede voorraad voor de winter. Hoe lang blijf jij nog liggen, luilak? Wanneer kom je uit je bed? Je zegt steeds: ‘Nog heel even! Ik wil nog even mijn ogen dichthouden, ik wil nog even blijven liggen.’ Maar pas op! Er komt een dag dat je niets meer te eten hebt. Dan zul je plotseling arm zijn.

Verwerking

Wijsheid zegt: Wees niet lui.

Moeite om ’s ochtends uit je bed te komen? Je zult de eerste niet zijn. Spreuken zegt: pas op, word geen luiaard!

Mieren, het zijn maar kleine diertjes, maar wat een ijver, wat een drukte, maar dan lijden ze ook geen gebrek! Welke les trek jij uit het werk van de mier?