21 mei 2026
dagopening

donderdag, 21 mei 2026

Opwekking uit Bijbelse tijden

Als je ruimte hebt, lees dan de hele Psalm!

NBV | Psalm 8: 4-6

Zie ik de hemel, het werk van uw vingers, de maan en de sterren door U daar bevestigd, wat is dan de sterveling dat U aan hem denkt, het mensenkind dat U naar hem omziet?

BGT | Psalm 8: 4-6

Ik kijk naar de hemel die u hebt gemaakt. Ik kijk naar de maan en de sterren die u daar een plaats hebt gegeven. En ik denk: Een mens is niet belangrijk, en toch denkt u aan hem. Een mens is maar klein, en toch vergeet u hem niet.

Verwerking

God is in de hemel en wij zijn op de aarde.  Je zou kunnen denken: wat is Hij ver weg! Maar er is een voortdurende wisselwerking tussen die twee: hemel en aarde.

Het gaat in deze psalm steeds van boven naar beneden, bijna in elk vers. Het stuitert op en neer: Heer (hemel), groot is Uw macht op de aarde (beneden); In de hemel zingen de engelen voor God, op aarde doen kleine kinderen dat. Sterren aan de hoge hemel, de mens hier op aarde. De mens is bijna goddelijk (hemel), toch is hij klein (aarde).

En nu is de hemelse God afgedaald naar de aarde in de persoon van Jezus Christus, God en mens: die band tussen boven en beneden is wel heel duidelijk geworden in Hem. In Hem stuitert het niet op en neer, in Hem is het bij elkaar gekomen, één geworden.

Vraag:

1. Is er in jouw leven een dagelijkse link met boven?

2. Wij mogen heersen over alle dieren. Hoe brengen wij het er vanaf?

3. God maakte ons bijna goddelijk; waar denk je aan?

Gebed:

Heer in de hemel, maakt Ù toch werk van onze omgang met U door de kracht van Uw Geest. Dat er een levendige omgang is tussen U en ons, dat we ons zo op U richten als U op ons.