dagopening

dinsdag, 23 juni 2026

Geloof

Het gebed van Manasse

Koning Manasse wil eerst niets van God weten. Later bidt hij toch en wordt verhoord.

NBV | 2 Kron. 33: 1-13

Manasse was twaalf jaar oud toen hij koning werd. Vijfenvijftig jaar regeerde hij in Jeruzalem. 2 Hij deed wat slecht is in de ogen van de HEER: hij gaf zich over aan de verfoeilijke praktijken van de volken die de HEER voor de Israëlieten verdreven had.(…) 10 De HEER sprak Manasse en het volk vermanend toe, maar zij schonken geen aandacht aan zijn woorden. 11 Toen stuurde de HEER de aanvoerders van de koning van Assyrië met zijn leger op hen af. Zij bedwongen Manasse met haken, boeiden hem met bronzen ketenen en voerden hem mee naar Babel. 12 Toen Manasse zo in het nauw gedreven was, probeerde hij de HEER, zijn God, mild te stemmen door zich diep voor de God van zijn voorouders te verootmoedigen. 13 Hij bad tot God, en God liet zich door hem vermurwen en verhoorde zijn smeekbede. Hij liet hem terugkeren naar Jeruzalem en herstelde hem in zijn koninklijke macht. Toen erkende Manasse dat de HEER God is.

BGT | 2 Kon. 33: 1-13

1 Manasse werd koning toen hij twaalf jaar oud was. Hij regeerde 55 jaar vanuit Jeruzalem.2 Manasse deed dingen die de Heer slecht vond. Hij deed dezelfde afschuwelijke dingen als de volken die de Heer vroeger voor de Israëlieten weggejaagd had. (…) 9-10 Maar de inwoners van Juda en Jeruzalem luisterden niet naar de Heer. Ze deden zelfs ergere dingen dan de volken die de Heer vroeger voor hen vernietigd had. Dat kwam door het slechte voorbeeld van Manasse.11 Voor straf stuurde de Heer de legerleiders van de koning van Assyrië naar Manasse. Zij namen Manasse gevangen. Ze bonden hem vast met haken en met twee bronzen kettingen. Zo namen ze hem mee naar de stad Babel. 12-13 Manasse had het erg moeilijk. Daarom probeerde hij het weer goed te maken met de Heer, zijn God. Hij bad tot de God van zijn voorouders, en zei dat hij spijt had van zijn slechte leven. Hij smeekte God om hulp. Toen de Heer het gebed van Manasse hoorde, was hij niet boos meer. En Manasse mocht weer koning zijn in Jeruzalem. Toen wist Manasse dat de Heer de enige God was.

Verwerking

In nood leert men bidden. Manasse deed heel veel slechte dingen en luisterde niet naar Gods waarschuwingen.
Pas op het moment dat hij gevangen zit en hij het moeilijk had, ging hij bidden. En God verhoorde zijn gebed; Manasse mag zelfs weer koning zijn.

Voor ons geldt misschien wel hetzelfde. Zolang het goed met ons gaat, zijn we geneigd zonder God te leven. Maar in nood leert je bidden.

Geldt dat spreekwoord ook voor jou?
Wat heb jij nodig om te weten dat “de Heer de enige God is”?
Heb jij weleens meegemaakt dat God jouw gebed verhoorde?

Bidden voor:
- vergeving voor alle keren dat we het alleen willen proberen,
- inzicht dat we niet zonder God kunnen,
- geloof.