21 september 2026
dagopening

maandag, 21 september 2026

Een plek voor iedereen

Het thema van de week tegen pesten is: een plek voor iedereen. We beginnen deze week met het introductiefilmpje.

Jozef wordt gepest door zijn broers

NBV | Gen. 37: 2 t/m 11

Jozef, die inmiddels zeventien jaar was, weidde gewoonlijk samen met zijn broers de schapen en geiten; hij hielp de zonen van zijn vaders vrouwen Bilha en Zilpa, en alle praatjes die over zijn broers de ronde deden vertelde hij aan hun vader door. Omdat Israël al oud was toen Jozef werd geboren, hield hij meer van Jozef dan van zijn andere zonen, en hij had een prachtig bovenkleed voor hem laten maken in allerlei kleuren. De broers zagen wel dat hun vader het meest van Jozef hield. Daarom konden ze Jozef niet uitstaan en kon er geen vriendelijk woord voor hem af. Op een keer had Jozef een droom. Toen hij die aan zijn broers vertelde, kregen ze een nog grotere hekel aan hem. ‘Moeten jullie nu eens horen wat ik heb gedroomd,’ zei hij. ‘We waren op het land schoven aan het binden, en toen kwam mijn schoof overeind en bleef rechtop staan. En jullie schoven gingen om die van mij heen staan en bogen daarvoor.’ Zijn broers zeiden: ‘Dacht je soms koning over ons te worden? Wil je over ons heersen?’ Vanwege dat gepraat over zijn dromen gingen ze hem hoe langer hoe meer haten. Opnieuw kreeg hij een droom die hij aan zijn broers vertelde. ‘Ik heb alweer een droom gehad,’ zei hij. ‘Nu bogen de zon, de maan en elf sterren zich voor mij neer.’ Toen hij dit aan zijn vader en zijn broers vertelde, wees zijn vader hem terecht: ‘Zeg, wat is dat voor een droom! Moeten ik, je moeder en je broers ons soms voor jou komen neerbuigen?’ De broers konden Jozef wel vermoorden, maar zijn vader bleef nadenken over wat er gebeurd was.

BGT | Gen. 37: 2 t/m 11

Jakob was gaan wonen in het land Kanaän, net als zijn vader. Zijn zoon Jozef was zeventien jaar. Hij hielp vaak zijn broers als ze op de schapen en de geiten pasten. Jozef was een zoon van Rachel, en zijn broers waren zonen van Jakobs vrouwen Bilha en Zilpa. Als er slechte dingen over de broers gezegd werden, vertelde Jozef dat steeds door aan hun vader. Jozef was geboren toen Jakob al oud was. Daarom hield Jakob meer van hem dan van zijn andere zonen. Hij maakte voor hem een prachtige jas met allerlei mooie kleuren. De broers merkten wel dat hun vader het meest van Jozef hield. Daarom hadden ze een hekel aan Jozef. Ze praatten nooit met hem. Op een keer had Jozef gedroomd. Hij vertelde de droom aan zijn broers. Toen kregen ze een nog grotere hekel aan hem. Want Jozef zei: ‘Moet je horen wat ik gedroomd heb. We waren op het land aan het werk. We bonden het gemaaide koren bij elkaar in bossen. Opeens ging mijn bos koren rechtop staan. Toen kwamen jullie bossen koren om mij heen staan en ze maakten een diepe buiging voor mijn bos koren.’ De broers zeiden tegen Jozef: ‘Denk jij soms dat je koning wordt? Dat je over ons kunt regeren?’ Toen hij over die droom vertelde, kregen ze een nog veel grotere hekel aan hem. Later kreeg Jozef weer een droom. Hij vertelde ook die droom aan zijn broers: ‘Ik droomde dat de zon, de maan en elf sterren een diepe buiging voor mij maakten.’ Jozef vertelde die droom ook aan zijn vader. Maar die zei boos: ‘Wat is dat voor een droom! Je denkt toch niet dat je moeder, je broers en ik voor jou zullen buigen?’ Jozefs broers waren jaloers op hem. Zijn vader dacht nog vaak aan die dromen.

Verwerking

Pesten bestaat al zolang mensen bestaan. Jozef wordt ook gepest door zijn broers. Die broers hebben eigenlijk wel gelijk: Jozef vertelt alles aan zijn vader Jakob wat zij verkeerd doen. Ook is hij het lievelingetje van zijn vader. En natuurlijk zal hij hebben lopen pronken met de mooie jas die hij kreeg. 

Gesprek

Zijn dat redenen om iemand buiten te sluiten? Waarom worden mensen eigenlijk gepest? Kun je daar iets over vertellen? Hoe loopt het verhaal van Jozef af? 

Gebed

Bid voor onze klas: dat we een voorbeeld mogen zijn voor anderen hoe we met elkaar omgaan

Bid dat iedereen erbij mag horen, thuis en op school

Dank dat God voor ons wil zorgen zoals Hij ook voor Jozef gezorgd heeft.